Algoritmes als toezichtprioriteit: AP controleert inzet van scanauto’s
Vanaf 1 juli 2026 controleert de Autoriteit Persoonsgegevens of gemeenten de inzet van scanauto’s hebben opgenomen in het algoritmeregister. Aanleiding is een thematische studie waaruit blijkt dat minder dan de helft van de onderzochte gemeenten dit tot nu toe hebben gedaan. Gemeenten gebruiken scanauto’s steeds vaker voor parkeerhandhaving, waarbij kentekens worden gescand, algoritmes worden ingezet en persoonsgegevens worden verwerkt.
Hoewel scanauto’s op het eerste gezicht vooral een praktische handhavingstool lijken, ziet de AP hierin een breder privacy- en governancevraagstuk. De technologie combineert scantechnologie, algoritmes en soms AI-toepassingen in één proces. Daarbij kunnen besluiten of voorselecties ontstaan die directe gevolgen hebben voor burgers, zoals het opleggen van parkeerboetes.
Algoritmeregister: transparantie is geen formaliteit
De controle van de AP laat zien dat transparantie over algoritmes steeds minder vrijblijvend wordt benaderd. Een volledige en begrijpelijke registratie in het algoritmeregister helpt burgers inzicht te krijgen in de manier waarop overheden technologie inzetten bij besluitvorming. Ook voor organisaties zelf is registratie belangrijk: het dwingt tot nadenken over doel, werking, gegevensgebruik, risico’s, menselijke tussenkomst en beheersmaatregelen.
Het landelijke algoritmeregister bevat inmiddels duizenden algoritmebeschrijvingen, waaronder voorbeelden van gemeentelijke kentekencamerahandhaving met scanauto’s. Daarbij wordt onder meer beschreven dat kentekens worden geregistreerd en gecontroleerd op de aanwezigheid van parkeerrecht.
De onderliggende boodschap: algoritmes zijn toezichtprioriteit
De AP beschouwt algoritmen, AI en geautomatiseerde besluitvorming nadrukkelijk als belangrijk toezichtthema. Dat blijkt niet alleen uit deze aangekondigde controle, maar ook uit bredere AP-publicaties over algoritmes en AI. In het AP-jaarplan 2025 staat dat de focus vanuit het gegevensbeschermingstoezicht onder meer ligt op geautomatiseerde besluitvorming. Ook waarschuwt de AP dat onverantwoord gebruik van AI kan leiden tot discriminatie, beperking van vrijheden, misleiding en uitbuiting.
Voor organisaties is de boodschap duidelijk: algoritmische toepassingen moeten niet alleen technisch werken, maar ook juridisch, ethisch en maatschappelijk verantwoord zijn ingericht. Dat geldt voor overheden, maar net zo goed voor private organisaties die algoritmes gebruiken voor bijvoorbeeld klantselectie, fraudedetectie, kredietbeoordeling, recruitment, marketing of toegangscontrole.
Risico’s: bias, discriminatie en onvoldoende uitlegbaarheid
Algoritmes kunnen efficiëntie vergroten, maar brengen ook risico’s mee voor de rechten en vrijheden van betrokkenen. Denk aan bias in data, ongelijke behandeling, discriminatie, foutieve aannames, gebrek aan menselijke controle en onvoldoende transparantie over hoe een beslissing tot stand komt.
Juist bij semi-geautomatiseerde handhaving, zoals met scanauto’s, is dit zichtbaar. Als een systeem een momentopname verkeerd interpreteert, kan een burger ten onrechte met een boete worden geconfronteerd. De AP heeft eerder gewaarschuwd dat de inzet van scanauto’s bij parkeerhandhaving tot grote aantallen onterechte boetes kan leiden.
Daarmee raakt het onderwerp aan meer dan alleen privacy. Het gaat ook om rechtsbescherming, behoorlijk bestuur, vertrouwen in de overheid en de vraag of burgers effectief kunnen begrijpen, betwisten en corrigeren wat een systeem over hen concludeert.
DPIA en governance: de verantwoordelijkheid blijft bij de organisatie
De AP benadrukt dat gemeenten niet simpelweg kunnen verwijzen naar een DPIA van een leverancier of parkeerdienstverlener. De gemeente blijft verwerkingsverantwoordelijke en moet zelf beoordelen welke privacyrisico’s bestaan, welke persoonsgegevens worden verwerkt, op welke schaal dat gebeurt en hoe inwoners worden geïnformeerd.
Dit punt is ook relevant voor andere organisaties. Wie algoritmes inkoopt of gebruikt via een externe leverancier, blijft zelf verantwoordelijk voor naleving van de AVG. Een vendor assessment, DPIA, verwerkersovereenkomst en duidelijke governance-afspraken zijn daarom essentieel.
Let op doelverschuiving
De AP wijst daarnaast op het risico van doelverschuiving. Een scanauto die oorspronkelijk wordt ingezet voor parkeercontrole, kan technisch ook worden gebruikt voor andere doelen, zoals het signaleren van afval, drukte of defecte straatverlichting. Dat een toepassing technisch mogelijk is, betekent echter niet automatisch dat deze ook juridisch is toegestaan. Voor elk nieuw doel moet opnieuw worden beoordeeld of de verwerking rechtmatig, noodzakelijk en proportioneel is.
Voor organisaties betekent dit dat algoritmische toepassingen gedurende hun hele levenscyclus moeten worden beheerst: van ontwerp en aanbesteding tot gebruik, wijziging, monitoring en beëindiging.
Wat betekent dit voor organisaties?
De controle op scanauto’s is geen geïsoleerde actie. Het past in een bredere beweging waarin de AP algoritmes, AI en geautomatiseerde besluitvorming scherper onder toezicht brengt. Transparantie, uitlegbaarheid, DPIA’s, menselijke tussenkomst en risicobeheersing worden steeds belangrijker.
Voor organisaties is dit hét moment om algoritmegebruik niet langer alleen als IT- of innovatievraagstuk te behandelen, maar als integraal privacy-, governance- en compliancevraagstuk. Wie nu investeert in inzicht, documentatie en beheersmaatregelen, verkleint niet alleen juridische risico’s, maar versterkt ook het vertrouwen van burgers, klanten en medewerkers.